Meningeomen

Wat is een meningeoom?

Een meningeoom is een gezwel dat groeit vanuit de hersenvliezen, de beschermende lagen tussen de schedel en de hersenen. Het groeit dus niet uit het hersenweefsel zelf, maar duwt de hersenen van buitenaf opzij.

Het is de meest voorkomende hersentumor bij volwassenen. Meningeomen komen vaker voor bij vrouwen en op oudere leeftijd. Ongeveer negen op tien zijn goedaardig (graad 1): ze groeien traag en zaaien niet uit. Een kleiner deel groeit sneller en komt vaker terug (graad 2), en een zeldzame minderheid gedraagt zich kwaadaardig (graad 3).

Welke klachten geeft een meningeoom?

Omdat meningeomen traag groeien, geven ze vaak lang geen klachten. Veel meningeomen worden bij toeval ontdekt op een scan die om een andere reden werd gemaakt.

Mogelijke klachten hangen af van de plaats en de grootte:

  • hoofdpijn, vooral als die nieuw is of geleidelijk toeneemt

  • epileptische aanvallen

  • zwakte of doof gevoel in een arm of been

  • problemen met zicht, reuk of gehoor

  • veranderingen in geheugen, gedrag of concentratie

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Een MRI-scan met contrast is het belangrijkste onderzoek. Meningeomen hebben daarop een zeer herkenbaar beeld, zodat de diagnose meestal met grote waarschijnlijkheid gesteld kan worden zonder weefselonderzoek. Soms wordt een CT-scan toegevoegd om de schedel of verkalkingen in de tumor te beoordelen.

Volledige zekerheid over het type en de graad geeft enkel microscopisch onderzoek van het weefsel na een operatie.

Moet een meningeoom altijd behandeld worden?

Nee. Dit is een belangrijk punt: veel meningeomen hoeven nooit behandeld te worden.

Een klein meningeoom zonder klachten, zeker bij oudere patiënten, wordt vaak enkel opgevolgd met een MRI na 6 tot 12 maanden en daarna met grotere tussenpozen. Blijft het stabiel, dan is verdere opvolging voldoende.

Een behandeling wordt overwogen bij:

  • klachten die door het meningeoom veroorzaakt worden

  • duidelijke groei bij opvolging

  • zwelling van het omliggende hersenweefsel op de scan

  • een grootte of ligging waarbij toekomstige problemen te verwachten zijn, zeker bij jongere patiënten

  • twijfel over de diagnose

Welke behandelingen zijn er?

Een operatie is de belangrijkste behandeling wanneer ingrijpen nodig is. Het doel is de tumor zo volledig mogelijk te verwijderen, samen met de aanhechting aan het hersenvlies, zonder schade aan de hersenen of belangrijke zenuwen en bloedvaten.

  • De ingreep gebeurt onder algemene verdoving en met de operatiemicroscoop, met computernavigatie om de tumor nauwkeurig te lokaliseren.

  • Bij tumoren nabij belangrijke functies wordt de zenuw- of hersenfunctie tijdens de operatie elektrisch bewaakt.

  • Soms wordt bewust een klein deel achtergelaten omdat volledige verwijdering te riskant is, bijvoorbeeld bij vergroeiing met een belangrijk bloedvat of hersenzenuw. Dat restant wordt dan opgevolgd of bestraald.

De opname duurt doorgaans enkele dagen tot een week.

Bestraling (radiotherapie of radiochirurgie) is een alternatief of aanvulling: bij een restant na operatie, bij hergroei, bij tumoren op moeilijk bereikbare plaatsen, of bij patiënten voor wie een operatie te belastend is. Bestraling verwijdert de tumor niet, maar remt de groei.

Er bestaat momenteel geen bewezen werkzame medicatie tegen meningeomen.

Wat zijn de mogelijke risico's van een operatie?

De risico's hangen sterk af van de ligging en de grootte van de tumor. Een klein meningeoom bovenaan de schedel is doorgaans veilig te verwijderen; een tumor aan de schedelbasis, tussen zenuwen en bloedvaten, is complexer. Mogelijke verwikkelingen:

  • bloeding of zwelling van het hersenweefsel, met tijdelijke of zelden blijvende uitval

  • epileptische aanvallen

  • uitval van een hersenzenuw bij tumoren aan de schedelbasis (gezicht, gehoor, oogbewegingen, slikken)

  • infectie van de wonde of lekkage van hersenvocht

  • algemene risico's van een operatie: trombose, longontsteking

We bespreken vooraf welke risico's in uw situatie van toepassing zijn en hoe die zich verhouden tot het risico van afwachten.

Herstel en opvolging

De meeste patiënten voelen zich na enkele weken weer goed; volledig herstel kan enkele maanden vragen. Vermoeidheid en hoofdpijn zijn in die periode normaal. Autorijden is na een hersenoperatie een tijd niet toegestaan; wij bespreken met u wanneer dat weer mag.

Ook na volledige verwijdering blijft opvolging met MRI nodig, meestal jaarlijks en daarna met grotere tussenpozen, omdat een meningeoom na jaren kan terugkomen. Bij een graad 2- of 3-meningeoom is de opvolging intensiever en wordt vaak nabestraling geadviseerd.

Veelgestelde vragen

Is een meningeoom kanker?
Meestal niet. De grote meerderheid is goedaardig, groeit traag en zaait niet uit. Een minderheid gedraagt zich agressiever; het weefselonderzoek na een operatie bepaalt de graad.

Mijn meningeoom werd bij toeval gevonden en ik heb geen klachten. Moet het weg?
Vaak niet. Een controle-MRI na 6 tot 12 maanden toont of het groeit. Blijft het stabiel, dan volstaat opvolging.

Kan het terugkomen na een operatie?
Ja, dat kan, ook na jaren. De kans is klein na volledige verwijdering van een goedaardig meningeoom en groter bij een restant of een hogere graad. Daarom blijft opvolging met MRI belangrijk.

Kan een meningeoom met medicatie behandeld worden?
Nee, er is op dit moment geen medicijn dat een meningeoom doet krimpen. Hormonale factoren spelen mogelijk een rol bij de groei; bespreek daarom hormoongebruik met uw arts.

Zal ik na de operatie anders zijn?
Bij de meeste patiënten niet. Tijdelijke vermoeidheid, hoofdpijn of concentratieproblemen zijn normaal in de eerste weken. Blijvende veranderingen zijn zeldzaam en hangen af van de ligging van de tumor.

Mag ik na de operatie autorijden?
Niet onmiddellijk. De termijn hangt af van de ingreep en van het al dan niet optreden van epileptische aanvallen. Wij geven u hierover een duidelijk advies mee.

> terug naar overzicht behandelingen